Historiek van de VVDB - d -

A

B

C

D

E

F

G

H

I

 

De tijd van de grote persconferenties

De Terugtocht

Wie het Hageland wat kent, heeft vast al gehoord van de wrede hanengevechten en het ligt voor de hand dat die plaag van meet af aan onze grootste aandacht genoot. Maar omdat het ons vrijwel onmogelijk was nuttig werk te verrichten op dat erg gevaarlijk terrein - er staat daar immers ontzettend veel geld op het spel - waren we niet meer dan een go-between tussen de tipgevers die ons anoniem contacteerden en de bevoegde overheidsdiensten. Toen regisseur Rob Van Eyck voor zijn film "De Terugtocht" in Kortrijk-Dutsel een hanengevecht filmde om, naar hij beweerde, de nadruk te leggen op de ruwe gewoonten die vroeger in het Hageland heersten en ook nu nog niet waren verdwenen, leek het moment gekomen om zelf wat actiever de strijd aan te gaan. Daarom eisten we in september 1979 dat de gewraakte passage, een fragment van vier minuten, zou worden geknipt, vooraleer de film in de zalen zou komen en we legden ook klacht neer tegen al diegenen die de Zichemse filmregisseur hun medewerking hadden verleend bij het organiseren van het gewraakte spektakel. De zaak werd door de Leuvense Raadkamer met een beschikking van niet-vervolging afgesloten omdat het niet mogelijk bleek op grond van het onderzoek de feiten van de tenlastelegging aan één of meer bepaalde personen toe te schrijven. Concreet betekende dit dat Van Eyck niet veroordeeld zou worden.

Rob Van Eyck met zijn film op weg naar de onderzoeksrechter in Leuven

In Aarschot te gast na een lustrum van groeien en bloeien

Het dossier stond centraal op onze volgende persconferentie, die we op 8 april 1980 organiseerden in de stad, waar de zetel van ons werk was gevestigd. Maar we voegden er meteen aan toe dat we de opportuniteit overwogen van een procedure van rechtstreekse dagvaarding om alsnog te bereiken dat de film niet ongestoord in première zou gaan. Van Eyck had ons de herrie immers niet echt kwalijk genomen, want hij hoopte dat de prent door de media-aandacht uiteindelijk volle zalen zou lokken. Dat hij zich grandioos heeft vergist, zal u later vernemen. Verder kwamen in De Witte Molen de klassieke thema’s ter sprake die het voorbije lustrum hadden beheerst, terwijl we voor het eerst cijfers verspreidden over de resultaten in onze dierenasielen. Een adoptiepercentage van 50% zal momenteel niet direct tot applaus inspireren, maar het was toen nog een cijfer om fier op te zijn.
Dat er nu steeds meer en meer mensen naar een dierenasiel stappen, wat de kans op adoptie natuurlijk vergroot, laat ons toe in alle bescheidenheid te beweren dat de klassieke dierenbescherming de voorbije decennia prachtig werk heeft geleverd.

Van de raad van beheer anno 1980
herken je van links naar rechts Jules Windelinckx, Victor Geens, Donald Stevens, Frans Van Calster en dr Maurice Bauwens

Want vertrouwen - zo luidt de slogan - dat moet je verdienen, elke dag weer! Binnen onze dierenasielen was ook een plan uitgewerkt voor de opvang van dieren wier baasje bijvoorbeeld voor een tijd naar het ziekenhuis moest. Ook nu nog, twintig jaar later, zijn er voor zulke crisisgevallen steeds hokken beschikbaar tegen sterk gereduceerde tarieven. Burgemeester Jos Daems, die na de fusie in Aarschot het roer had overgenomen, was vol lof voor ons werk en beloofde de steun en de sympathie van de stad, voor ons een deugddoend contrast met de apathie van het vorig bewind.

Een toen nog piepjonge Peter Geens, nu VVDB-beheerder, ontvangt zijn trofee uit de handen van de Aarschotse burgemeester Jos Daems.
Verder herken je de Aarschotse schepenen Sim Verbruggen en Jef Van Brussel, alsmede rechts senator Fernand Piot.

Gewoontegetrouw stelden we ook een campagne centraal: we beloofden de komende maanden actie te voeren tegen de misbruiken, waarvan de roodwangschildpadjes het slachtoffer waren. Nadat de prijzen van de nationale foto- en diawedstrijd uitgereikt waren, ontving rijkswachtkapitein Raoul Carlier, vertegenwoordiger van majoor August Van Peteghem, de jaarlijkse ereprijs: we wilden hiermee de uitstekende relatie onderstrepen met de diverse rijkswachtbrigades op wier steun nooit tevergeefs een beroep werd gedaan.

Foto rechts:
Rijkswachtkapitein Raoul Carlier, vertegenwoordiger  van districtscommandant majoor August Van Peteghem,
ontvangt de ereprijs Minister Mark Eyskens uit de handen van raadslid Jef Van Brussel 

Administratie

Een organisatie met reeds drieduizend leden, een driemaandelijks tijdschrift, een leger van heel actieve inspectie-afgevaardigden die steeds maar schreven en belden, een massa activiteiten... Wellicht rijst de vraag hoe we dat konden klaren in een tijd dat over computers alleen maar met heel veel ontzag werd gepraat en niemand van ons zo’n ding van nabij had gezien. Om één enkel voorbeeld te geven: onze lidkaart bestond toen uit drie luiken, die we jaar na jaar moesten typen en waarvan er één alfabetisch en een ander chronologisch gerangschikt naar de zo vaak verwenste klasseerbakjes verhuisden.

Verwenst en vervloekt, want als er toevallig eens een foutje begaan werd, dan kostte dat later urenlang opzoekingswerk. Hans Rigauts, nu lid van de raad van beheer, was amper zestien, toen hij ons eerste kaartje getypt heeft. Elke vrijdagavond was hij present op ons bureau aan de Dergentlaan in Aarschot, jarenlang, tot hij als jong specialist zijn medische stage begon. Ook op de andere dagen, zelfs in het weekend, telkens van zeven tot tien, waren vaste "krachten" present om te klasseren, te verzenden en allerlei soorten tabellen te schrijven.

Meisjes en jongens, soms ver buiten Aarschot woonachtig, die op hun (brom)fiets vorst of regen trotseerden en maar zelden verstek lieten gaan. Gelukkig is de computer gemeengoed geworden, want ik vrees dat het heden ten dage bijzonder moeilijk zou zijn om dat allemaal nog eens over te doen. Ja, er werd keihard gewerkt, maar we hebben desondanks erg leuke tijden beleefd. Met wat is beklijfd uit de Dergentlaan-periode zou je probleemloos een boek kunnen vullen; we komen er later nog wel eens op terug.

Laureaten van de foto- en diawedstrijd, gekiekt na de persconferentie in Aarschot.
Op de achterste rij, tweede van rechts, herken je Hans Rigauts, jarenlang in onze administratie actief en thans lid van de raad van beheer

En ook vanuit de "inspectie" kwam er altijd respons, als we weer eens tot aan de nek in de zorgen zaten. Zo dreigde onze eerste provinciale tombola een administratieve catastrofe te worden: we hadden al te naïef tienduizend biljetten verspreid en pas op de dag voor we het restant in verzegelde dozen naar het stadhuis moesten brengen, kwam de aap uit de mouw: we werden gewoon overspoeld door de stortvloed van lootjes die ons vanuit de diverse verkooppunten terugbezorgd werden.

Algemeen hoofdinspecteur Jozef Lemmens herinnert zich stellig nog hoe we toen tot diep in de nacht bleven zwoegen om in die chaos weer orde te scheppen, maar het wonder geschiedde, we hebben de deadline gehaald. ‘t Klinkt vreemd, maar het zijn die momenten van wanhoop en angst, waar je nu met de grootste voldoening aan terugdenkt, omdat je met erg weinig wapens bent blijven vechten en voor dat volharden steeds weer werd beloond.

Het was onze afgevaardigden niet om een pasje te doen, velen van hen hingen wekelijks urenlang aan de lijn om over hun werk verslag uit te brengen.
En waar er ook maar het kleinste kansje bestond, was de VVDB er present.
Op de foto herken je van links naar rechts Guido Van den Broeck, Fernand Lemmens en Roger Meylemans op zo’n infostand in hun gemeente.

De film die nooit een succes is geworden

Omdat de première in de lokale Trioscoop voor de deur stond, adviseerde onze raadsman Theo Mertens ons Rob Van Eyck in kortgeding te dagvaarden voor de bevoegde rechtbank in Hasselt, waar we eisten dat de film niet zou worden vertoond met behoud van de ongeoorloofde beelden. We argumenteerden dat er ontegensprekelijk een opzettelijk georganiseerd misdrijf gefilmd was om louter commerciële motieven, dat derhalve dezelfde overwegingen moesten gelden als bij om het even welk misdrijf om gelijkaardige motieven begaan - het weze een hanengevecht, een diefstal, een aanranding, een moord - en dat het ons niet evident leek dat het organiseren van een misdrijf mocht leiden tot het commerciële doel dat werd beoogd.

Prent uit De Terugtocht,
de film die de ruwe zeden van het Hageland wou schetsen,
maar die - gelukkig - nooit een succes is geworden.

En toen gebeurde er iets heel merkwaardigs: de zaak werd tijdig opgeroepen, maar de behandeling werd verdaagd met een week, zodat de film op 6 maart 1980 toch zijn première beleefde. Een paar dagen later besliste rechtbankvoorzitter Moens dat onze eis ongegrond was, aangezien de prent al een week in Hasselt vertoond was en dat er van hoogdringendheid dus geen sprake meer was... Een pareltje van juridische logica! Maar al liet men ons weer eens gewoon in de kou staan, we bereikten ons doel: met De Terugtocht heeft Van Eyck een roemloze afgang beleefd. De kritiek op het oerslechte werk was ongemeen hard. Daarbij kwam dat hier en daar werd gefluisterd dat de VVDB voor "rellen" zou zorgen in bioscopen waar de film nog een kans werd gegund. De gevoerde campagne had duidelijk angst ingeboezemd...