Historiek van de VVDB - h -

A

B

C

D

E

F

G

H

I

 

 
Breuk met de traditie

Eigenlijk hebben we na de allerlaatste persconferentie met meer dan één traditie gebroken. Dat we geen persvergaderingen meer organiseerden is natuurlijk een beredeneerde keuze geweest. Maar zonder dat we er ons echt van bewust waren, hebben we sindsdien ook exclusiever gefocust op het wel en wee rond onze opvangcentra en dierenasielen. We hebben wat minder aandacht geschonken aan allerlei pijnpunten die we voorheen op onze conferenties centraal wilden stellen en eigenlijk is het dus ook onze schuld dat we in de media steeds minder aandacht genoten. Want de problematiek rond de dierenasielen kan de pers maar matig bekoren, die klacht hebben we al vaker verwoord. Natuurlijk hebben we een goede keuze gemaakt, want de dieren hebben er baat bij dat een dierenasiel perfect functioneert en dat er dag na dag wordt gewerkt om elk asieldier alsnog een toekomst te bieden. Maar we betreuren het ook wel een beetje dat we een unieke kans voorbij lieten gaan om ons via de media te blijven profileren als een organisatie die met een duidelijke visie elk probleem op tafel wou gooien. Soms bekruipt ons de lust om nog eens als vroeger te doen, om als groep naar buiten te treden; wishful thinking natuurlijk want het uitgebreid dienstbetoon dat we bieden laat ons gewoonweg geen tijd.

Van ezelskoersen tot kamelenraces, lamakoersen, varkensjacht en geitensprint


We hadden er al eerder voor gewaarschuwd: na de ezels zouden geleidelijk andere diersoorten worden misbruikt als slachtoffers van allerlei dubieuze praktijken. En we kregen gelijk: de ezelskoers evolueerde inderdaad tot een heuse wildwest-rodeo. Ezels werden gedurende vijf uur onafgebroken ingezet en almaar opgejaagd, tegen de poten geschopt en bij de staart getrokken. Voor de varkensrace werden kleine Chinese hangbuikvarkentjes gebruikt. Tijdens de ganzenrace verloren heel wat dieren hun pluimen. De geiten werden bij gebrek aan een sulky soms met lederen banden naar de eindmeet getrokken.

 

Op een mensonwaardige manier werden al deze dieren er dus toe aangezet om onnatuurlijke prestaties uit te voeren die door hun tragikomisch karakter het publiek moesten vermaken. Deze rodeo’s werden in Vlaanderen bijna gemonopoliseerd door een zekere Ely Pitchon en bij hem klopten steeds meer en meer verenigingen aan om hun noodlijdende clubkas van klinkende munt te voorzien. Deze geldwolf verhuurde zijn dierenstal aan wie er om vroeg tegen een aandeel in de kaartenverkoop voor een schandelijk spektakel, erop gericht om het beest in de mens weer naar boven te brengen. De dieren zullen me deze wat misplaatste woordspeling ongetwijfeld vergeven.Omdat de wet op het dierenwelzijn niet toeliet efficiënt tussenbeide te komen, besloten we bij wijze van test via gemeentelijke reglementen in het arrondissement Leuven de rage een halt toe te roepen.

Dit zijn Shampoo en Abdoel, kamelen uit Kazakstan.
Zij traden op tijdens ezelskoersen of handelsfeesten

We eisten dat elke gemeente op haar grondgebied de organisatie van een wildwest-rodeo zou verbieden. Zoals wel vaker gebeurde bleven de meeste Besturen aanvankelijk erg onverschillig: Aarschot was de eerste gemeente die het spektakel verbood, later zouden slechts een vijftal andere gemeenten het reglement goedkeuren, maar we bereikten alvast dat een vergunning ook elders niet zo gul meer zou toegekend worden. Als de rage een langzame dood is gestorven, als Pitchon en zijn trawanten hun enthousiasme verloren, dan is onze inbreng daarvoor stellig bepalend geweest.

Het Aarschots politiereglement werd door de provinciegouverneur aanvankelijk geschorst omdat de bescherming van de dieren niet opgedragen is aan de waakzaamheid van de gemeenteoverheden. Ere wie ere toekomt, de stad heeft die klip handig omzeild en motiveerde als volgt:

Overwegende dat bij dergelijke organisaties door de onnatuurlijke en harde behandeling de betrokken dieren woest kunnen worden, toeschouwers kunnen aanvallen en verwonden en paniek onder de toeschouwers kunnen verwekken; Overwegende ook dat de openbare orde moet gehandhaafd en ongevallen moeten voorkomen worden;

Besluit het stadsbestuur het organiseren van wildwest-rodeo’s binnen de stadsgrenzen te verbieden.

 

En optreden tegen ezels die de orde verstoren was duidelijk wel opgedragen aan de waakzaamheid van de gemeenteoverheid.

In Zaffelare werd eindelijk op rubberen ratten geschoten

In de maand augustus werd er in Zaffelare al jarenlang de heftig besproken rattenschieting gehouden. Telkens trokken we met de Nationale Raad voor Dierenbescherming ten strijde tegen dit barbaarse gedoe en tegen de organisatoren, de Sint-Sebastiaangilde, werd steeds weer proces-verbaal opgesteld. De rechtbank van Gent bleef de rattenschieting echter als een aanvaardbare vorm van folklore beschouwen. Enkele dagen voor de schieting werden de ratten gevangen en in houten kistjes gezet. Op de "grote" dag werden die doosjes dan op een paal geplaatst om er voor de boogschutters als doelwit te dienen. Het spel bestond erin de kistjes open te schieten om zo de ratten naar beneden te laten tuimelen; waren ze na de smak niet onmiddellijk dood, dan werden ze door de lokale dorpsjeugd vertrapt. Iets dergelijks had zich ook in het begin van de jaren tachtig in Evergem voorgedaan: daar werden muizen in kistjes gestopt, maar we waren erin geslaagd deze rage tijdig een halt toe te roepen. Op 24 augustus 1988 werd ons geduld ook in Zaffelare eindelijk beloond: de folklore was dood, er werd voortaan op rubberen beestjes geschoten. Zo werd weer eens bewezen dat men helemaal geen geweld hoeft te gebruiken om, zij het wat trager, op een volkomen legale manier een welbepaald doel te bereiken.

Een schutter van de Sint-Sebastiaansgilde
met een plastieken rat in de hand

Huisdieren verzorgen in eigen omgeving

In 1988 stelden we een nieuw initiatief voor dat erop gericht was de huisdieren van vakantiegangers te verzorgen in hun eigen omgeving. We gingen ervan uit dat het verkieslijk was om dieren, die reeds van het gezelschap van hun baasjes beroofd waren, in hun vertrouwd milieu te laten verblijven door een dienstbetoon aan huis te verzekeren. We dachten hierbij niet alleen aan de klassieke verzorging van een hond of een kat, maar we wilden ook een pasklare oplossing bieden voor de aquariumvisjes, de duiven, de konijnen, de cavia of het weidevee. Via dergelijk dienstbetoon konden ook andere probleempjes van uithuizige vakantiegangers een oplossing vinden: de kamerplanten gieten, het gras maaien, de brievenbus lichten, eens het licht aansteken, enz. We wilden hierdoor voorkomen dat een huis voor de buitenwereld als "verlaten" kon worden herkend. Voor de allereerste keer mocht een initiatief geen enkele positieve reactie noteren. Na ons hebben anderen de formule overgenomen en ze op hun beurt gepropageerd, met even weinig succes. Niemand loopt blijkbaar warm voor de idee een wildvreemd persoon in zijn woonst toe te laten, zelfs als dat ontegensprekelijk heel wat voordelen biedt. 

Protego

Wie oog heeft voor cijfers had nu stellig na 25 jaar VVDB het honderdste nummer van Protego verwacht. Of iets in die buurt, want het heeft wel even geduurd eer de allereerste editie van ons tijdschrift verscheen. Als er in de jaren tachtig een aartsmoeilijk probleem heeft bestaan, dan was het wel de loodzware opdracht om voor elk nummer de deadline te halen. En we geven het toe, het is wel vaker bij een schuchtere poging gebleven, tot wanhoop van ondermeer Mathijs Boer die ons toen reeds trouw en met een voorsprong van jaren zijn interessante teksten bezorgde en steeds weer moest ervaren dat de publicatie ervan ontoelaatbaar lang uitgesteld werd. Een fulltime job combineren met een steeds omvangrijker administratieve opdracht was op zichzelf al niet evident en Protego is jammer genoeg meer dan eens de fatale druppel geworden... Al een geluk dat de Posterijen welwillend de ogen sloten als er weer eens een "beurt" werd overgeslagen. Want eigenlijk moesten er jaarlijks vier nummers verschijnen om van de speciale tarieven te kunnen genieten. Toen we in 1985 ons allereerste computertje kochten, hebben we met vallen en opstaan gepoogd een methode te vinden die het werk wat verlichtte en geleidelijk is ons dat natuurlijk gelukt. Toch heeft het tot 1992 geduurd vooraleer het regelmatig verschijnen van ons blad weer verzekerd kon worden. In de onheilsperiode van begin 1984 tot eind 1991 zijn er dertien nummers achterwege gebleven en hebben we driemaal onze toevlucht gezocht tot een niet-genummerde editie die amper twee bladzijden telde... We vragen ons af of we zonder de nieuwe technologieën wel hadden kunnen blijven bestaan. Want het is nu moeilijk geworden jongens en meisjes te vinden die voor wat zakgeld hulp willen bieden. En voor betaalde krachten is er gewoonweg geen geld. Hans Loffens, Theo De Rijck, Guy Bets, Hans Vranken, Ward Janssens en zoveel anderen, ik heb ze ooit als fijne leerlingen leren kennen en ze zijn binnen onze administratie van onschatbare waarde geweest. Met tientallen anderen, te talrijk om ze hier te vernoemen. Als we moeten bewijzen dat we er de jongste jaren dan toch ergens op vooruit zijn gegaan, zullen we eerst en vooral naar ons tijdschrift verwijzen. Het verschijnt nu netjes op tijd, de lay-out heeft meer aandacht gekregen en wat de inhoud betreft kan het de vergelijking met de "concurrentie" probleemloos doorstaan. Een reden natuurlijk om fier en tevreden te zijn.

Ventielduif

In deze retrospectieve lees je maar weinig over de duizenden klachten die ons inmiddels bereikten. Net zoals we geen lange lijst publiceren van onze talloze interventies om mensen-met-dieren te helpen. En nochtans…

Beletten dat Herman De Croo van een schaaltje met levende visjes kan nippen mag dan wel grote nieuwswaarde hebben, maar als je bijvoorbeeld heel op je eentje bereikt dat een huisbaas ondanks het strenge contract toch een hondje laat blijven, dan kom je niet op tv maar het resultaat van je werk is zeker niet minder fraai.

Dit maar om te zeggen dat er vijfentwintig jaar lang door honderden mensen in alle stilte ontzettend veel nuttig werk is verricht.

Zo ook wat het onderzoek van de klachten betreft. Het is moeilijk een keuze te maken en eigenlijk is er geen enkel dossier dat ons bij is gebleven omdat het zo extreem wreed of uitzonderlijk was. De "ventielduif" dan buiten beschouwing gelaten.

Op 22 juli 1989 bracht de rijkswacht van Tremelo een duif over naar ons dierenasiel en bij onderzoek bleek dat het dier een bizarre chirurgische ingreep doorstaan had. Daarbij werd in de halsstreek een fietsventiel ingeplant, waarrond een briefje was gewikkeld met een vreemde Walibi-boodschap erop. Onze asieldierenarts kon het ventiel operatief verwijderen en stelde vast dat de wijze, waarop de wonde gehecht was, duidelijk aantoonde dat de dader vertrouwd was met de gebruikelijke hechttechnieken. Hij vermoedde dat een student (dier)geneeskunde wel eens de dader zou kunnen zijn. Ook al loofden we een hoge beloning uit voor wie ons relevante informatie verstrekte, de ventielduif is steeds een mysterie gebleven.

Opvangcentrum in Diest

In oktober 1989 was Diest een diervriendelijk initiatief rijker: achter de gebouwen van de stedelijke politie werd een nieuw opvangcentrum geïnstalleerd. Voordien konden de verdwaalde of aan hun lot overgelaten dieren rekenen op de gastvrijheid van Lea Temmerman, maar die situatie was niet langer houdbaar. Ze moest de honden onderbrengen achter haar woning aan de Acacialaan en dat schiep nogal eens problemen met sommige buren. Het nieuwe opvangcentrum, waarvoor Yvonne Reynders thans verantwoordelijk is, kwam tot stand dank zij de samenwerking tussen stadsbestuur, rijkswacht, politie en de VVDB. Tijdens de officiële opening verklaarde burgemeester Marsoul dat het Diestse stadsbestuur niet meer dan zijn plicht had gedaan.